Geldprijzen uit den boze

Geldprijzen uit den boze

Renners van toen kijken nu hun ogen uit. Niet alleen het moderne materiaal, maar ook andere luxe was er toen niet. Geldprijzen waren uit den boze. De premies en de prijzen werden uitgekeerd in de vorm van waardebonnen en in natura. Zo kon het gebeuren, dat je met een tube tandpasta of met een zak aardappelen naar huis ging.

Renners van toen kijken nu hun ogen uit bij het zien van het moderne materiaal, waarmee de renners tegenwoordig op de wedstrijden verschijnen. In de jaren na de 2e wereldoorlog moest er in Nederland hard worden gewerkt aan de “wederopbouw”. Geld voor “luxe” was er toen niet. 
De fietsen waren van ijzer en werden meestal door de renners zelf in elkaar gelast. Feitelijk waren het gewone fietsen, maar dan met een gebogen stuur en zonder kettingkast en spatborden. Een derailleur zat er niet aan. Dat was niet zo erg, want een derailleur was verboden, ook voor amateurs. Valhelmen waren gemaakt van paardenhaar en de renners reden in wollen tricots zonder reclame, want ook het voeren van reclame was ten strengste verboden. Alleen de profs mochten met reclame rijden.
Sponsorploegen, ploegleiders en ploegleiderwagens waren er dus evenmin. Wielrennen was toen nog echt een individuele sport. De renners moesten het zelf allemaal maar uitzoeken. Iedereen reed voor het lieve vaderland weg. Geschoolde trainers en begeleiders waren er niet. Voor vervoer moest je zelf zorgen en omkleden deed je bij een willekeurige bewoner die aan het parkoers woonde.

Officiële wegwedstrijden waren er in onze regio maar mondjesmaat. Het seizoen begon traditioneel met een veldrit in de Appèlbergen in Groningen. (Henk de Roo was winnaar in 1953). Daarna volgden enkele trainingsritten die onder auspiciën van de NWF vaak werden gehouden op het TT-circuit in Assen. Ook het rijden op een grasbaan was in die tijd normaal.
Criteriums waren er in onze omgeving maar mondjesmaat. De oudste criteriums zijn die van Emmen (1948), Coevorden (1948) en Borger (1949). Klassiekers waren er niet in Noord-Nederland.
De wedstrijdkalender werd opgevuld met onderlinge trainingswedstrijden (start aan de Boslaan) en interclubwedstrijden.
Geldprijzen waren uit den boze. De premies en de prijzen werden uitgekeerd in de vorm van waardebonnen en in natura. Zo kon het gebeuren, dat je met een tube tandpasta of met een zak aardappelen naar huis ging.   In die tijd telde de wielersport in Noord-Nederland amper mee. Lang gold het devies, dat ambitieuze coureurs maar beter in het ‘zuiden en westen’ konden gaan koersen, want alleen dáár kon je ‘de stiel’ leren.   Dit was een doorn in het oog van de NWF, blijkens enkele passages uit een brief van 20 april 1961, gericht aan de clubs: Meestal wordt er gezegd “Het noorden wordt weer achteruit gezet”, maar zou het niet zo kunnen zijn dat we eerst eens de hand in eigen boezem moeten steken en ons afvragen of het noorden wel alles heeft gedaan om vooruit te komen ?  ( )
Op de te beleggen buitengewone algemene ledenvergadering willen wij dan tevens een technische commissie zien benoemd, welke opdracht zal krijgen om de beste noordelijke renners bij elkaar te brengen en op te leiden tot het rijden in ploegverband. Immers hieraan ontbreekt het in het bijzonder in het noorden. Teamgeest moet er komen, hetwelk echter gekweekt moet worden, terwijl de renners moeten worden doordrongen van het feit dat ze met samenwerking meer kunnen bereiken. U zult het met een blik op de werkelijkheid met ons eens moeten zijn dat in het noorden geen samenwerking tussen de renners is, of althans bij hoge uitzondering, waardoor afbraak plaats vindt, hetwelk ons tegen de borst stuit. Het is begrijpelijk dat ieder zijn best doet om een prijsje in de wacht te slepen, maar waarom dan alleen op een koploper gejaagd wanneer dat een noordeling is ? Dat de westelijke renners sterker zijn dan onze noordelijke renners wensen wij niet te erkennen, alleen de samenwerking bij de westelijke renners is beter en zij brengen de moed op om een jagend peleton op een uitloper, af te remmen. Dat is teamgeest en die kant moeten we in het noorden ook op, willen we blijven meetellen.
Naast onze organisatorische taak zal het huidig bestuur dan ook een opvoedende taak hebben, die wij echter willen toebedelen aan een technische commissie.
namens het bestuur N.W.F.
B. Stubbe Jr. secr.

In mei 1959 kwamen onderstaande besluiten der sportcommissie uit:

© 2000 - 2012 Wielersport Vereniging Emmen

Website door: Ediso